Jan van Tienen

Bud Brocken: De man, de legende (Tillywood interview)

Hieronder vind je een interview met Bud Brocken, ex-profvoetballer, thans makelaar. Het was voor Tillywood, na City Sounds Magazine het beste gratis blad in Tilburg. Ik kreeg er geen cent voor betaald, maar ik kreeg wel lekker te eten. Is ook wat waard.

Bud Brocken: “Vroeger kon er meer in het voetbal”

Bud Brocken (50) is een van de weinige Tilburgers die ooit voor het Nederlands Elftal uitkwamen. Voor ik hem in restaurant Kerktuin sprak, las ik in een oud interview met hem dat hij eens in Ierland na het winnen van een EK kwalificatiewedstrijd in 1983 de hele spelersgroep tot half tien ‘s ochtends mee op stap had genomen. Terug in Nederland belde toenmalig Ajax-trainer Aad de Mos hem kwaad op. Of Bud zijn jongens nooit meer mee op stap wilde nemen. Kijk, met zo iemand kan je praten. Over het naderende EK, zijn carrière en zijn schelmenstreken bijvoorbeeld.

Het voorgerecht wordt opgediend. Bud neemt een taartje van Hollandse garnalen en avacado met een gebakken langoustine, ik vermaak me met een carpaccio van ossenhaas met een truffelcrème. De carpaccio smaakt heerlijk, precies zoals mijn moeder die vroeger klaarmaakte. Ik vermoed dat Bud zijn voorgerecht ook lekker vindt, want hij eet het snel op en als ik vraag of hij zijn voorgerecht lekker vindt zegt hij “ja”. Tijdens het voorgerecht drinken we een Amstel Ice. Dit is een biertje dat op nul graden Celsius wordt getapt in glazen die op een temperatuur van min elf worden bewaard. Dit heerlijke drankje durf ik gerust te scharen onder de categorie ‘goede dingen van het leven’, samen met zaken als vrouwenborsten, vriendschap en je vijanden verpletteren.

Na het voorgerecht is het tijd om onder het genot van nog zo’n ijskoude Amstel Buds doopceel te lichten. “Ik begon op mijn 17e bij Willem II, voetbalde achtereenvolgens voor Birmingham City, FC Groningen en FC Den Bosch. Ik stond vooral bekend om mijn goede techniek. In 1983 kwam ik vijf keer uit voor het Nederlands Elftal. Een hele eer. Ik speelde samen met jongens als Koeman, Gullit en Van Basten. Die laatste was aardig, maar Gullit mocht ik nooit zo, met zijn sterallures.”

“Ik was zeventien jaar lang prof, maar ik heb in die tijd niet zo veel verdiend dat ik daarna niet meer hoefde te werken. Dus in de laatste twee jaar voetballen volgde ik een opleiding tot makelaar. Dat ben ik nu nog steeds, hier in Tilburg.” Volgens Brocken is het profvoetbal flink veranderd sinds hij is gestopt. Al begon die verandering al tijdens zijn carrière.

“Toen ik bij Den Bosch speelde, begon het voetballen professioneler te worden. Je mocht bijvoorbeeld minder van de trainer. Dus als we na het trainen met het team in de kroeg zaten, doken we met z’n allen onder de bar als de trainer voorbij kwam. Vroeger was voetbal meer een betaalde hobby. Ik ben zowat mijn hele carrière semi-prof geweest, ik had meestal ander werk naast het voetballen. Dat hadden veel jongens hoor. Maar ik denk wel dat wij meer plezier in het spel hadden. Het is nu allemaal zo commercieel geworden. Als je die verwende kwallenkopjes van nu ziet spelen, zie je amper plezier in hun spel. Ze verdienen meer, maar ze worden over het paard getild en volgens mij hebben ze echt minder lol op het veld.”

Als Bud dit heeft verteld, worden onze hoofdgerechten voorgeschoteld. Licht gepekelde speenvarkenfilet met een jus van mosterd en dragon voor Bud en gegrilde entrecote met gepofte tomaatjes en een rode wijn-balsamicosaus voor mij. Ik neem een hap en ik herinner me waarom mensen studeren: Zodat ze later dagelijks uit eten kunnen gaan in fijne restaurants als de Kerktuin.

Bud geeft tijdens het eten nog een voorbeeld van het soort lol dat je je in Buds tijd als voetballer nog kon veroorloven:
“Ik speelde bij FC Den Bosch en we zaten in de rats, omdat de kans bestond dat we zouden degraderen. Gelukkig verloor onze rivaal, FC Zwolle. Er was dus reden voor een feestje. Bij een café in Goirle dronken we een pilsje en dat werden er iets meer. Na een tijdje reden we op de Goirlense baan en ineens stopte Hans Werdekker zijn auto midden op de weg. Een rij automobilisten stond achter hem te toeteren terwijl hij op zijn motorkap danste. Vervolgens stopt er een politieauto naast Hans. Gelukkig waren de agenten in die tijd nog niet zo draconisch. Ze wisten dat wij voetballers waren en dat we iets te vieren hadden. Dus ze gaven Hans alleen een waarschuwing en lieten hem zo verder rijden. Kom daar nu nog maar eens om.”

Als ik hem vraag of hij zijn hele leven al van het feesten houdt zegt Bud: “Natuurlijk. Na het werken feesten en bier drinken hoort er bij hé. Ik weet ook niet of ik het met mijn instelling in het huidige voetbal gered zou hebben hoor.”

Toen Buds carrière op het veld er op zat, volgde hij het voetballen een stuk minder. “Ik heb het altijd al leuker gevonden om zelf te spelen dan er naar te kijken. Maar het EK en het WK zijn dingen die er toe doen. Dan volg ik alle wedstrijden waarin Nederland speelt en een paar anderen die me interessant lijken. Frankrijk – Italië is natuurlijk altijd schitterend.”

Bud volgt het naderende kampioenschap met belangstelling. “Ik merk wel dingen op hoor. Zoals de aanloop naar het evenement toe. Die is nu veel intenser dan in mijn tijd. Nu is het echt een nationaal festijn. Hoe dat komt? Door de toegenomen publiciteit natuurlijk. Maar ik vind het leuk.”

Bud over ons team: “In de voorrondes had het Nederlands Elftal ups en downs. Met name in de vriendschappelijke wedstrijden vond ik ze niet erg sterk spelen. Maar goed, het is natuurlijk altijd moeilijk om in zulke wedstrijden je sterkste kanten te laten zien. Ik vind het Nederlands elftal achterin niet heel sterk, maar midden en voor hebben we spelers van absolute wereldklasse. Als die pieken tijdens het toernooi, maken we zeker kans om te winnen.” Na die woorden drinkt hij zijn laatste Amstel Ice en stapt hij op.


keer gelezen.

5 Responses to “Bud Brocken: De man, de legende (Tillywood interview)”

  1. jezus says:

    leuk die bud.
    maar wanneer kwam je ook alweer naar gambia?
    :-)

  2. Erik v Hest says:

    Gast! Jij doet effe een interview met mijn oude held, Budje Brocken. De man met de fluwelen voorzet. Sinds ik hem als 6-jarige (IK was dus 6) ooit tegen Veendam zag spelen (Willem II verloor natuurlijk wel gewoon) schaar ik hem in het rijtje Pele, Maradonna en Folkert Velten. Hulde voor dit artikel.

  3. Ick says:

    speenvarkenfilet…?

  4. Chiel says:

    Zit je al in gambia?

  5. möök says:

    Goh ja, over mooie voetbalnamen gesproken.

Leave a Reply